Dromerige takjes langs de Waal op een mistige dag.

Dromerig balanceerden de takjes in de wind. De Waal kruipt langzaam omhoog, verder het land op. Van bovenaf is het de mist en de schemering die bezit neemt van het land. De wijze takjes wortelen zich diep in de grond, verankerd dansen zij mee met de wind.