Harde wind en lage waterstand in de Waal bij Ochten.

Er zijn zo van die dagen dat de wereld je ambivalent tegemoet treedt, een verwarmende zon die zich niets aantrekt van de wind die je zowat uit je jas blaast op de dijk; het waterpeil in de Waal staat laag en zorgt voor een vervreemdend landschap van zand, schelpen en normaal aan het oog onttrokken afval wat door de jaren heen gedumpt is.

Boomwortels liggen bloot, de doek die de kluit omhult ook; en het is mij alsof de wind het masker der natuur afrukt – die natuur die ik zo graag zie – zij, die kromgelegen als uit een boon spontaan ontstane bomen langs de Waal. Niets van aan! De wind laat het laagje water achtergebleven op het ontstane strand trillen en rillen, als zou er een compositie gerild worden van kou en warmte – en dit gewoon op zondag – wij die in mei nog ruimschoots wandelen op de grens van winter en lente.