Een dromerig veertje in de wind bij zonsondergang.

 

De zon verdween langzaam aan de hemel, en de wind blies haar koude lucht rondom mijn hoofd terwijl mijn schoenen langzaam in de drassige modder verdwenen – de Waal trekt zich terug, net als de zon – de wind en de kou hebben de dag overgenomen. Eén veertje zweeft mee op de wind.