Vis gevangen in vis langs de Waal.

 

 

Oude Vis

 

Struinend over de gedroogde klei in de Kil bij Ophemert vielen mij de vele dode vissen op – de droogte heeft flink toegeslagen dit jaar. Hele stukken van de Kil liggen droog, en je kunt oversteken naar plekken waar je normaliter niet kan komen. Vossenholen komen te voorschijn, en kikkers drentelen om mijn wandelschoen; zij veren op tussen de takjes die onder mijn zolen breken.

Mijn oog viel op de gedroogde vissenkop en de haar omringende graten – ik zag er meteen een beeld bij van de ouderdom; een vis verstrikt in zijn eigen graten, verstrikt in zijn eigen eindige leven – de jaren die zich als een cocon om de vis sluiten, de graten tralies waarin het hoofd als een denderende trein voort wil leven en het lichaam zichzelf langzaam afstoot om ter aarde te keren.

Heftig, maar eigenlijk vooral een esthetische gewaarwording…wat zijn graten mooi in de zon!